Home » ontwikkelingsvoorsprong

Tag: ontwikkelingsvoorsprong

‘Je moet kinderlijker tegen hem praten’

Hoe herken je ontwikkelingsvoorsprong en hoogbegaafdheid bij jonge kinderen?

Veel ouders van hoogbegaafde kinderen beseffen lange tijd niet dat er iets aan de hand is. Thuis ben je afgestemd op je kind, je was waarschijnlijk zelf als kind ook vlot, het zit in de familie… Vergeleken met anderen praat je misschien op heel volwassen wijze met je kind, want zo doet hij ook. Het verschil in lengte maakt voor deze kinderen niet dat ze ook minder waard zijn: ze voelen zich volwaardige mensen en worden ook graag zo behandeld. Dat kan strijd opleveren. Of jij als ouder vindt het prima en het is geen probleem, zolang jullie thuis zijn.
Vaak valt het pas op dat een kind ‘snel’ is of op een heel andere manier praat, wanneer hij of zij zich onderscheidend gedraagt bij de opvang of op school. Maar ook dat gebeurt niet altijd.
Helaas zijn veel hoogbegaafde kinderen heel goed in staat zich onopvallend te gedragen en zich aan te passen aan de verwachtingen en aan de andere kinderen in de groep. Dat krijg je als ouder vaak niet mee. allereerst zijn er weinig leerkrachten en medewerkers van de opvang getraind in het herkennen van signalen van ontwikkelingsvoorsprong en hoogbegaafdheid. Als een opvangmedewerker of leerkracht het niet opmerkt en benoemt, kan het lang onopgemerkt blijven.
Of er gaan belletjes rinkelen wanneer je als ouder te horen krijgt dat je ‘wat kinderlijker tegen hem moet praten’…

‘Nee, geen Harley Davidson: dat is een broembroem’

Anita, de moeder van Max, vertelt dat hij altijd goed heeft onderhandeld. ‘In groep 1 zei zijn juffrouw dat je kon merken dat hij enig kind is. Zijn woordenschat was te groot, hij gebruikte te moeilijke woorden, hij stelde dingen ter discussie. Haar advies aan mij: “Je zou kinderlijker tegen hem moeten praten.” Ik keek haar aan…
Waarschijnlijk was wel te zien dat ik me afvroeg of ze niet helemaal goed bij haar hoofd was. Max heeft nooit gebrabbeld, hij is heel goed met taal. Toen hij anderhalf was, fietste ik met hem door de weilanden en dan zei ik: ‘Kijk, een vogel!’ Dan kon hij reageren met: ‘Ja, kijk, een Mercedes huppeldepup type zus en nummer zoveel.’ Aan de uitlaat zag hij of de auto op benzine of diesel reed. Serieus, moest ik dan zeggen: “Nee, dat is een broembroem”?’

Te groot vertrouwen in school

Achteraf gezien vindt Anita het jammer dat ze toen een te groot vertrouwen heeft getoond in het onderwijssysteem. ‘Nu vind ik dat ik veel harder in discussie had moeten gaan. De in tuïtie van de moeder overstijgt alle scholen, besef ik steeds meer. Ik wilde geen asociale moeder zijn die verhaal gaat halen op school en agressief lijkt. Maar nu besef ik dat ik wel veel meer voor hem had willen opkomen. Hij kreeg extra werk, dat was afgesproken. Dus je denkt dat er aandacht is voor wat je zoon nodig heeft. Pas jaren later hoorde ik van Max zelf hoe erg hij het vond dat hij apart gezet werd. Hij deed niets meer klassikaal, dat kon volgens de docenten niet meer. Dat had nooit mogen gebeuren, dat is door de school gecreëerd. Ik hoorde het pas veel later, want de school meldde helemaal niets en Max was toen nog veel te klein om het te beseffen. Leerkrachten moeten daar veel meer op gewezen worden: je moet zulke kinderen niet in een uitzonderingspositie zetten, dat is voor ieder kind slecht.’

Hokjes

‘Ik vind dat kinderen niet in hokjes gestopt hoeven te worden, maar dat kan wel helpen om te zorgen dat bepaalde dingen serieus genomen worden. Als je dyslexie hebt, of dyscalculie, wordt er wat mee gedaan op scholen. Dan krijg je extra tijd of aangepaste lesstof. Hoogbegaafdheid is eigenlijk ook zo’n “aandoening”. Het is iets wat je hebt en waar je maar beter rekening mee kunt houden. Erkenning door de omgeving zou fijn zijn. Ondanks de aandacht die er tegenwoordig voor is, wordt er nog steeds vooral gedacht dat hoogbegaafden blij moeten zijn dat ze zo slim zijn en dat ze alles goed kunnen.’

Grote mond of terechte feedback

Op de fulltime hb-school werd er beter mee omgegaan dat Max soms kritisch reageerde op de uitspraken van leraren. ‘Kritiek kan hij prima onder woorden brengen en dat zal hij ook niet laten. Hij kan niet tegen het onrecht dat iemand niet wordt aangesproken op dingen die niet kloppen. En het komt niet bij hem op dat hij bepaalde dingen niet kan zeggen. Waarom is die leraar de baas? Als hij geen gelijk heeft, heeft hij toch geen gelijk? Een leraar kan dan wel een leraar zijn, maar als die iets beweert wat in zijn ogen niet klopt, vindt Max dat hij er melding van moet maken. Ook al is het soms in zijn eigen voordeel om zijn mond te houden.’

Herkenbaar?

Het is belangrijk om je als ouder in te lezen en voor te bereiden op een andere rol dan je wellicht in gedachten had. In plaats van alleen opvoeder zul je meer begeleider moeten worden. Deze kinderen hebben veel ruimte en regie over eigen leven nodig. Daarbij hebben ze jou als ouder nodig om vaardigheden te verwerven die bij die eigen-wijsheid passen.
Als je dit zelf lastig vindt en er is veel strijd in je gezin, overweeg dan een externe hoogbegaafdheidsdeskundige in te schakelen. Vaak zijn enkele gesprekken al heel verhelderend.
Let op: niet alle opvoeddeskundigen hebben begrip voor en verstand van hoogbegaafdheid. Heel veel ouders van hoogbegaafde kinderen en kinderen met ontwikkelingsvoorsprong hebben veel spijt dat ze – tegen hun gevoel in – adviezen van bijvoorbeeld consultatiebureau of CJG zijn blijven volgen. Straffen en belonen, de methode van The Nanny, ‘stevig aanpakken’: het werkt alleen maar averechts. Durf kritisch te zijn, ook als je het zelf niet meer weet! 
Dit is een fragment uit een van de ervaringsverhalen van ouders, te vinden in het e-book bij de online cursus hoogbegaafdheid. In 10 video’s krijg je compact en snel informatie over de kenmerken van ontwikkelingsvoorsprong en hoogbegaafdheid. Praktische tips helpen je verder dan alle standaardopvoedmethodes, want daarvoor lopen deze kinderen veel te veel op hun eigen pad.
De grootste uitdaging is aan ouders om óók te durven afwijken van ‘de standaard’. Daarvoor vind je inspiratie en inzichten in de online cursus hoogbegaafdheid. Zo breng je de rust terug in je gezin met hoogbegaafdheid.

En die jongeren dan? Die op school niet uit de verf komen?

Deze creatieve, grappige, originele, verrassende jongeren met hun scherpe blik en kritische houding hebben het niet altijd makkelijk op school. Het is ook niet makkelijk om als ouder je kind te ‘coachen’ hoe hij of zij om kan gaan met andere volwassenen, zoals op school. Niet iedere volwassene staat er voor open om met een open hart en open geest te luisteren naar een kind of jongere. Toch is dit voor juist heel jonge kinderen ook heel erg belangrijk.
Wat heel erg helpt is om zo nu en dan tussen ‘soortgenoten’ te zitten. Zoek een hb-centrum in de buurt, bijvoorbeeld via www.ikbenhoogbegaafd.nl en vind een peers-group.
In het Droomdenkers Talentcentrum in Limmen komen ook jongeren vanuit het hele land, voor de Leren Leren trainingen en de droomdenkersgroepen. Even wél mogen zeggen wat je denkt en kunnen praten over je ervaringen thuis en op school, heeft langdurend en groot effect.
Check de agenda en meld je aan voor de nieuwsbrief.

Wil je zelf je verhaal kwijt? Behoefte aan een goed gesprek?

De schrijver van Mijn hoogbegaafde kind en ik, Mijn hoogbegaafde puber en De droomdenker is Suzanne Buis, tevens eigenaar van het Droomdenkers Talentcentrum en maker van de online cursus hoogbegaafdheid. Elke maand heeft ze een aantal coachingsessies met ouders. Heb je hier ook behoefte aan? Lees dan hier verder en boek tijd voor een goed gesprek over jouw gezin met hoogbegaafdheid.

Slimme kleuters van groep 1 naar groep 3 laten gaan…

Is dat een goed idee? De voors en tegens van vervroegd naar groep 3 op een rijtje

Schrijver en uitgever van Uitgeverij Vol liefs, Suzanne Buis, komt in haar netwerk geregeld interessante artikelen tegen over hoogbegaafdheid. Als moeder van een kleuter in groep 1 wil ze dit artikel aanraden van Ster(k) in hoogbegaafdheid.

Suzanne Buis: ‘In deze tijd van het jaar wil je als ouder van een hoogbegaafde kleuter misschien praten over eventueel vervroegd naar groep 3 gaan. Hoe doe je dat, als je van school niet direct te horen krijgt dat je kind zo voor loopt? Een gevoelige kleuter laat vaak thuis andere dingen zien dan in een andere sociale omgeving. Op school, bij de opvang, in de speeltuin zijn andere prikkels te verwerken. Zeker intelligente kinderen die nieuwe indrukken opdoen kijken ook naar anderen. De kans is ook groot dat een kleuter in groep 1 heel ander gedrag vertoont dan thuis, heel andere dingen ‘kan’ en heel andere dingen lijkt te willen. Dat maakt zo’n gesprek soms best ingewikkeld, alsof ouders en leerkrachten het over een verschillend kind hebben.’

Tekenende kleutermeisjes

‘Vooral over meisjes wordt vaak gezegd dat ze zich binnen twee weken aangepast hebben aan het gemiddelde niveau in de klas. Een bekend voorbeeld is dat een meisje thuis hele scènes tekent, met een verhaal, personages, vele details, en dat ze op school al gauw ‘ontdekt’ dat het de bedoeling is om koppoters te tekenen. Doet ze dat, en krijgt ze een complimentje van de juf, dan ontstaat op dat moment misschien wel het eerste ‘misverstand’ tussen ouders en leerkracht. Wat kan ze? Wat is goed voor haar? Verveelt mijn kleuter zich, vraagt de ouder zich af. Verwachten de ouders niet te veel, kan een docent denken.’

Hoe kom je op één lijn als ouder en leerkracht?

‘Bij mijn lezingen gaat het vaak over de moeizame gesprekken die ouders voeren op de school van hun kind. Zelf vind ik het ook lastig om dit onderwerp te bespreken op de school van mijn dochter. Ik wil de juffen niet voor het hoofd stoten, ik waardeer hun werk, ik hoor prettige berichten over mijn kleuter. Maar er was laatst ook iets wat de juf zei, waarbij bij mij een belletje ging rinkelen. In de interviews voor mijn boeken heb ik dit vaker horen zeggen, en ik lees het geregeld: ‘ze is sociaal-emotioneel nog wat achter’. Is dat de beste reden die er is om mijn dochter naar groep 2 te laten gaan? Mijn dochter die in september 5 wordt, het liefst speelt met oudere meisjes, die al graag wil lezen en schrijven en dat uit zichzelf oefent, die thuis onderhandelt als een prof en die letterlijk vraagt ‘vertel me alles wat je weet over…’ omdat ‘ik daar zo lekker rustig van word’.’

Wat is wijsheid?

‘Als een kind wellicht een kleutergroep kan overslaan wegens ontwikkelingsvoorsprong en/of vermoeden van hoogbegaafdheid, of de uitkomst van een test, dan zijn er dus nog andere zaken om te overwegen. Ik kwam het volgende artikel tegen over wel of niet vervroegd naar groep 3 en heb het aan de juf van mijn kleuters gegeven. Misschien helpt het ook andere ouders, vandaar dat ik het graag onder de aandacht breng.’

Slimme kleuters vervroegd doorstromen naar groep 3

Ster(k) in hoogbegaafdheid schrijft: April/mei is zo’n beetje de tijd waarop de meeste scholen, samen met ouders, de knoop doorhakken over doublures, versnellingen en vervroegde doorstromingen. Zo ook bij slimme kleuters, die eventueel vervroegd kunnen doorstromen naar groep 3.  Maar waar let je dan op? Wat breng je in kaart? En wat geeft de doorslag?
Allereerst is het goed om te zeggen dat niet iedere begaafde leerling, behoefte heeft aan een vervroegde doorstroming of versnelling. Het kan wel een belangrijke factor zijn. Vooral als- en zeker bij kleuters- de voorsprong is ontstaan door veel oefenen en structureel aanbod, in plaats van een spontaan ontstane voorsprong, loop je de kans een kind in een latere groep te overvragen. Je gaat namelijk uit van bepaalde leereigenschappen en denkvaardigheden, waaronder de wijze waarop hij of zij in staat is om leerstappen over te kunnen slaan. Wanneer een leerling deze eigenschappen niet beheerst, komt het vroeger of later in de problemen.
Lees verder op Sterk in hoogbegaafdheid en maak de lijst van voors en tegens wat betreft versneld naar groep 3
(c) Suzanne Buis, 2018

Een hoogbegaafde kleuter? Een hoogbegaafde baby? Hoezo?!

[vc_row][vc_column][vc_column_text]Het kan ongemakkelijk zijn om te vermoeden dat je een hoogbegaafde baby hebt. Begrijpelijk, want hij kan niet praten of een test maken. Hoe kun je nu weten of een baby hoogbegaafd is? 
Bij baby’s, peuters en kleuters wordt doorgaans gesproken over een ontwikkelingsvoorsprong, wanneer er vermoeden van hoogbegaafdheid is. Aangezien IQ erfelijk is, kun je er als hoogbegaafde ouder beter rekening mee houden dat je jonge kind ook eigenschappen heeft die bij hoogbegaafdheid passen.

Wanneer rekening houden met hoogbegaafdheid?

Ben je zelf hoogbegaafd, heb je hoogbegaafde oudere kinderen, ‘heerst’ hoogbegaafdheid in de familie? Weet je soms niet zo goed wat je voor je baby of peuter kan doen, die erg boos kan worden, veel huilt, gefrustreerd lijkt, weinig slaapt?
Heb je soms het gevoel dat jouw kind veeleisend is en je claimt?
Houd er dan rekening mee dat je kindje misschien (zeer) hoogbegaafd is.

Hoe kun je zien of een baby hoogbegaafd is?

Hier zijn wat opvallende eigenschappen bij baby’s en peuters die later hoogbegaafd blijken te zijn:
– deze kindjes zijn vaak opvallend alert, houden mensen in de gaten die de kamer binnenkomen en weggaan
– mensen maken opmerkingen over ‘een wakkere blik‘, ‘een oude ziel’
– zelfs de jongste baby’s lijken al echt te luisteren naar volwassenen die praten
– gebruiken al heel vroeg steeds dezelfde klanken om belangrijke zaken te benoemen, zoals fles, speen, een knuffel
– ze zijn opvallend sterk, tillen het hoofd op
– bewegen veel met de handen en vingers
– willen al heel vroeg zitten of in ieder geval overeind
– dreumessen proberen te eten zoals de anderen: ze willen aan tafel zitten, pakken bestek, proberen te prikken en te snijden, willen zelf een bekertje vasthouden

‘Maar mijn baby is juist helemaal niet snel’

Niet alle kinderen die later hoogbegaafd blijken te zijn, zijn ‘snel’. De bekende dingen die veelal vergeleken worden, lopen soms juist niet gelijk met andere kinderen. ‘Kan hij al rollen? Kan hij al kruipen? Praat ze al?’ De typische vragen van mensen in de supermarkt, zullen we maar zeggen. Maar nee, dat doet jouw kindje misschien nog helemaal niet.
Slaapt je kindje heel veel? Is hij of zij juist opvallend ‘traag’ met bepaalde dingen, zoals kruipen of praten?
In dat geval kan het zijn dat het kindje enorm veel informatie in zich opneemt dat de snelle processen plaatsvinden in het brein en het gevoelsleven. Dat levert soms op dat een kind liever een tijdje bekijkt hoe iets moet, voor zich er aan te wagen. Of hij of zij probeert het één keer en besluit dan ‘nee, dit kan ik niet, dus dat doe ik niet’.

‘Maar wat maakt het nu uit of je weet of je baby hoogbegaafd is?’

Misschien vraagt iemand uit je omgeving het aan je. Of je stelt jezelf die vraag. Maar: het helpt echt om je hiervan bewust te zijn als ouder. Het kan meer verklaren dan je denkt: ook bij heel kleine kinderen zijn specifieke eigenschappen en kenmerken van hoogbegaafdheid al aanwezig.
Dit bewustzijn helpt om zogenaamd probleemgedrag aan te pakken. Het kan rust geven te beseffen dat bepaald gedrag vaak voorkomt bij hoogbegaafde kinderen, ofwel baby’s met een ontwikkelingsvoorsprong. Je bespaart jezelf en je baby veel frustratie als je niet vast blijft houden aan wat de ‘standaard’ is voor kinderen in een bepaalde fase.

‘Slechte slapers’

Middagslaapjes worden al vroeg overbodig, of een half uurtje is voldoende, anders slaapt hij ‘s avonds pas om elf uur. Dit komt heel veel voor bij jonge hoogbegaafden.
Vaak doen ze liever een dutje in de woonkamer, dan in een stille slaapkamer.
Huilen als het bedtijd is, heeft bij een hoogbegaafde baby vaak te maken met verveling. Hij heeft snel door dat als je hem neerlegt, hij een tijd op dezelfde plek zal blijven, dat het stil wordt en dat het ‘saai’ wordt. Het welbekende ‘zolang ik hem ronddraag, vindt hij het prima, maar leg ik hem neer dan begint hij te gillen’.

Ga op zoek naar informatie, bezoek bijeenkomsten. Sta open voor de mogelijkheid dat je baby, peuter of kleuter beter gedijt bij andere oplossingen.

Intelligentieonderzoek bij jonge kinderen door de Expertgroep Ontwikkelingsvoorsprong

Herken je erg veel in dit artikel? Overweeg dan bij eventuele problemen hulp in te schakelen van een hoogbegaafdheidscoach, gespecialiseerd in jonge kinderen.
De Expertgroep Ontwikkelingsvoorsprong verricht intelligentieonderzoek specifiek bij jonge kinderen bij wie een ontwikkelingsvoorsprong wordt vermoed. Tijdens het onderzoek wordt gelet op eventuele faalangst, complex denken en creatief omgaan met de vraagstelling. Daarnaast wordt het gedrag zorgvuldig geobserveerd op eventuele signalen van hoogbegaafdheid. Het gaat dan ook niet alleen om de IQ-score! Door dergelijke signalen te herkennen en correct te interpreteren ontstaat een helder beeld van het kind als persoon. Het verslag naar aanleiding van het intelligentieonderzoek levert ouders en leerkrachten handelingsadviezen op waarmee zij goed kunnen aansluiten bij de ontwikkelingsbehoefte van het kind.
Meer informatie over ontwikkelingsvoorsprong vind je op de website van Expertgroep Ontwikkelingsvoorsprong.[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]
(c) Suzanne Buis, 2 februari 2018

Wél plusklas, niet voor hoogbegaafde leerlingen

De website van een stichting voor basisscholen meldt over het beleid bij (vermoedelijke) hoogbegaafdheid. ‘Voor kinderen die meer aankunnen, hun werk snel af hebben en goede CITO-scores hebben, is er een plusklas.’

Nee toch?!

Helaas gaat dat beleid uit van goed functionerende hoogbegaafden, met plezier in leren, waar ‘uit komt wat er in zit’. Over het algemeen gaat dat over hoogintelligente kinderen, niet hoogbegaafde kinderen. Het probleem bij veel hoogbegaafde kinderen is dat ze geen goede CITO-scores hebben en hun werk vaak slechts afmaken na heel veel aanmoediging.
Zoals Jack Provily het mooi zegt in de nieuwste Gifted a248 Magazine over (hoog)begaafde kinderen:
“De kans is groot dat zo’n leerling [die niet wordt begrepen] minder gaat presteren, aan zichzelf gaat twijfelen en een hekel krijgt aan school. Door de verminderde motivatie zakken de prestaties of het kind past zich aan aan het groepsgemiddelde en aan de verwachtingen van de leerkracht.
Veel hoogbegaafde leerlingen zijn ook niet geïnteresseerd in hoge cijfers en/of beoordelingen. Ze willen leren, ontdekken, geboeid raken, uitgedaagd worden en hoeven niet te laten zien hoe goed ze zijn.”

Plusklas: voor wie?

Dit zijn dus júist de kinderen die baat hebben bij extra/andere uitdagingen in een plusklas. Helaas sluit het beleid van deze schoolstichting juist de kinderen uit die de plusklas nodig hebben:
de onderpresteerders,
de aanpassers,
de pleasers,
de kinderen die hun faalangst weten te verbergen,
de kinderen die al zo afgeleerd hebben om vragen te stellen, dat ze liever verdacht worden van ‘ongeïnteresseerd zijn’,
de stoorzenders,
de aangeleerd-stille kinderen, die zo vaak ‘nee, dat is niet de bedoeling’ gehoord hebben, dat ze hun mond maar houden.
Nee, alleen kinderen die hun werk afhebben en hoge cijfers behalen, mogen naar de plusklas. Zo is de plusklas geen aanvulling om te zorgen voor beter passend onderwijs, maar een privilege, een excellencegroep, voor wie goed bezig is. Niets mis mee, maar laten we dat niet verwarren met ‘deze school heeft beleid voor hoogbegaafde kinderen’. Ik krijg juist het verontrustende gevoel dat deze leerlingen over het hoofd worden gezien.
Toch maar even een mailtje aan het bestuur van de stichting.
Meer lezen uit het interview met Jack Provily? Bestel de nieuwste Gifted @248
Wil je ook het gesprek over hoogbegaafdheid aangaan op de school van jouw kinderen? Lees hoe andere ouders dit deden en wat deskundigen aanraden, in ‘Mijn hoogbegaafde kind en ik’.
(c) 2018 Suzanne Buis, auteur van oa De droomdenker, lees- en werkboek over hoogbegaafdheid, hoogsensitiviteit en beelddenken.

Ontwikkelingsvoorsprong herkennen bij kinderen

Jonge kinderen met (intelligentie)ontwikkelingsvoorsprong zijn gebaat bij vroege signalering, begeleiding en stimulering van hun talent.

Wanneer een intelligentie-voorsprong of ontwikkelingsvoorsprong niet tijdig herkend wordt, kunnen deze kinderen gaan onderpresteren. Een ervaringsdeskundige, onderzoeker, wetenschapper, expert, kinderarts en auteur lieten hun licht schijnen tijdens een symposium over dit onderwerp: Had ik het maar eerder geweten. Dit gebeurde op initiatief van Grip op Talent in het theater van de Openbare Bibliotheek Amsterdam.
Een van de sprekers was Suzanne Buis, auteur en uitgever van Vol liefs. ‘Het was leerzaam, met indrukwekkende en erg positieve verhalen! Fijn publiek en een leuke mix van verhalen en invalshoeken. Zo goed om te zien dat er op veel terreinen wordt gewerkt aan het informeren over hoogbegaafdheid, júíst in een vroeg stadium.’
Een filmpje van een kwartier van de presentatie bij de OBA over De droomdenker door Suzanne Buis, op YouTube: https://lnkd.in/eCXQjmW

Programma

19.00    Opening door Hidde Simons.
19.05    Sandra Vervoort, medeoprichtster van HB020 en ervaringsdeskundige. Waarom was er voor haar noodzaak om eerder te weten dat bij haar kinderen hoogbegaafdheid een rol speelde?
19.30 Fanny Cattenstart, van Grip op Talent en expertgroep Ontwikkelingsvoorsprong, belicht een nieuw signaleringsinstrument voor consultatiebureaus. Zij vertelt over de zijnskenmerken, hoe deze bij jonge kinderen al zo goed te zien is en over de valkuilen als het niet gezien wordt.
19.45    Specialist hoogbegaafdheid Tijl Koenderink in gesprek met cabaretier Jeffrey Spalburg en acteur Mimoun Ouled Radi. ‘Zijn cabaretiers vaak hoogbegaafd?’
20.00    Psycholoog en onderzoeker Bart Vogelaar, Universiteit Leiden, vertelt over zijn promotie:

‘Hoogbegaafd kind presteert beter bij meer uitleg’

20.30    Kinderarts, Edith Langeveld-Mollink vertelt: hoe kun je als jeugdarts een belangrijke rol spelen? Er zijn nog veel misverstanden.
20.45    Auteur Suzanne Buis, auteur van ‘Mijn hoogbegaafde kind en ik‘: hoe boeken een rol kunnen spelen in de  begeleiding van deze kinderen en hun ouders. Een kijkje in het hoofd van een hoogbegaafd kind is zinnig voor professionals en herkenning is heel prettig voor ouders en kinderen.
21.00    Zaal- en panelgesprek
21.30    Boekverkoop door 248 media/signeren en napraten aan de bar
Deze avond is een initiatief van Grip op Talent.

Kunnen baby’s, peuters en kleuters ook hoogbegaafd zijn?

Hoe zit dat nu met hoogbegaafde baby’s? Waarom wordt er gesproken over een ‘ontwikkelingsvoorsprong’ en hoe komt het dat er zo vaak gezegd wordt dat peuters en kleuters sociaal-emotioneel niet klaar zijn voor versnelling?

Onbegrip

“Bij hoogbegaafde kinderen verloopt deze emotionele en sociale ontwikkeling echter in een hoger tempo. Daardoor kunnen zij al eerder dan gemiddeld een volgend stadium bereikt hebben. Doordat zij op dat moment verder zijn dan leeftijdsgenootjes kan dit regelmatig onbegrip opleveren. Door opeenvolgende teleurstellingen kan het kind zich terugtrekken en verkiezen om alleen te spelen, waardoor de leerkracht in kwestie dit gedrag verkeerdelijk kan interpreteren als zwakke sociale vaardigheden.”

Checklist hoogbegaafdheid bij baby’s, peuters en kleuters

Dit artikel geeft een heel duidelijk overzicht en checklist voor baby’s, peuters en kleuters waarbij hoogbegaafdheid wordt vermoed.

Lees verder over hoogbegaafde baby’s, peuters en kleuters op de website van Hoogbloeier in België