Home » droomdenken

Tag: droomdenken

Creëer scharrelscholen!

*Scharrelscholen!*
Op LinkedIN las ik een sterk artikel van Jelte van der Kooi: Versterk het onderwijsklimaat in je klas. Jij maakt het verschil. Jij bent het verschil. Stap in je eigen toekomst!
Jelte van der Kooi maakt zich sterk voor meer ruimte in klaslokalen. Hij maakt daarbij een vergelijking met hoe kinderen nauwelijks meer bewegingsvrijheid hebben dan vleeskippen. Het artikel heet

onze zoon is een halve vleeskip

Dat moet toch anders kunnen? Denk jij ook mee?

In de shit zitten

Ik speelde vroeger op een boerderij waar de kippenschuur streng verboden terrein was – en dus sneakten wij daar soms naar binnen. Dat benam me op alle niveaus de adem. Vergelijkbaar met hoe de volle gangen en lokalen op scholen op me overkomen. Ik ben blij dat het afgelopen jaar meer aandacht heeft gegenereerd voor luchtkwaliteit en dat er inderdaad wordt gekeken naar hoe er meer ruimte gemaakt kan worden.

Hoe maak je ruimte?

My two cents: veel en veel meer naar buiten. Je kunt buiten veel meer doen met lessen, niet alleen voor de jongste kinderen. Maak buitenwerkplekken op veranda’s en onder mooie overkappingen, liefst met bewegingsmaterialen als hometrainers en loopbanden. Daar valt vast nog wat mee te verdienen via subsidie, sponsors, stroom opwekken enz.
Frisse lucht, beweging, zuurstof, goed voor alle vormen van conditie.
Goed voor het laten groeien van de meest beweeglijke, creatieve droomdenkers.
Samengevat: creëer scharrelscholen. Wat denk jij?
Reageer onder dit artikel en/of bij Jelte van der Kooi op LinkedIN.
#ondernemen #scholen #hooggevoelig #hoogsensitief #hoogbegaafd
(c) Suzanne Buis

‘Geef gewoon antwoord… het is een simpele vraag!’

Een nieuwe rage op social media: 32 rare dingen over mij. De bedoeling is dat je een rijtje eenvoudige vragen kopieert en daar jouw antwoorden op geeft. Soms zijn simpele vragen een aanslag op de rust in je hoofd.
Maar… help! Ik kan zo niks met zulke vragen… bij schoolbezoeken als schrijver heb ik daar ook last van. ‘Wat is je lievelingseten?’ vragen leerlingen bijvoorbeeld. Dan denk ik ‘hoe laat?’ Kijk, ‘s ochtends heb ik ander lievelingseten dan ‘s avonds. Bijvoorbeeld. En met wie eet ik? Wat ga ik daarna doen? En ook: waar ben ik? Ben ik bijvoorbeeld aan het afrekenen bij het tankstation, dan wil ik ineens een Balisto. Daar denk ik de rest van de tijd nooit aan.

Lievelingskleur

Wat is jouw lievelingskleur? Waarvoor? Ik doe niet aan blauw eten. Maar ik draag wel veel blauw. Blauwe ogen vind ik mooi. Maar blauw onder mijn ogen vind ik vreselijk.
Kun je 100 push-ups doen? In hoeveel tijd? Geef me een paar weken en dan is het antwoord ja.

Het hangt er vanaf

Ik hou van op het water, maar niet per se in het water, tenzij het een bad is, maar dan ligt het er weer aan waar en hoe laat en of ik die wallen onder mijn ogen heb of dat er iemand naast me staat met bruine ogen want laat dat bad dan maar even zitten, en al helemaal als ik net getankt heb en geen Balisto heb gekocht (want dan haal ik die eerst alsnog even).

Onnozel en irritant

Dus elke vraag leidt bij mij tot ongeveer 32 vragen om een antwoord te kunnen geven. Dat zeg ik dan weer niet hardop (want zo snugger ben ik nog net wel, daar reageren mensen vaak op alsof je het spel bederft of dat je wijsneuserig probeert te doen). Maar intussen zie ik er heel onnozel uit omdat ik geen antwoord geef.
Ik ben niet gezellig in dat opzicht, schijnt het. Sommige mensen vinden het zelfs irritant.
Gelukkig heb ik nog vrienden die ook gerust na 6 weken met een antwoord komen. En die koester ik dus ❤

Hoe krijg je je hoofd stil?!

Heb jij dat ook? Al die gedachten bij ogenschijnlijk simpele vragen? Of je kinderen? Dat valt niet altijd mee. Je kunt ermee in conflicten raken op de werkvloer, en op school kun je er ook heel wat gedonderd van krijgen. Terwijl je het helemaal niet beroerd bedoelde.
Dus… je bent niet de enige! Maar… hoe krijg je je hoofd stil?

Tips voor rust in je hoofd

Een paar tips voor minder stress bij ‘simpele vragen’:
Bedenk een zinnetje dat jou helpt om de stress te laten zakken bij zulke vragen. Schrijf (of print) het zinnetje op een mooie foto, bijvoorbeeld uit een tijdschrift, en hang het aan de binnenkant van je badkamer- of keukenkastje. Zo zie je het geregeld en komt het eerder in je op om dat te zeggen. Wat resoneert bij jou? Bijvoorbeeld:
‘O wacht, dit is zo’n standaardvraag waar je een standaardantwoord op mag geven. Het maakt niet echt uit wat ik nu kies.’
Schrijf op je mooie illustratie: ‘Geel. Hagelslag. Dolfijnen. Queen.’ Of kies voor de insteek: ‘grappig, ik vind zulke vragen lastig. Wat is jouw antwoord? Misschien hebben we hetzelfde.’ Vaak komt de ander niet eens meer terug op de vraag. Interessant om te merken hoe jouw antwoord dus echt niet veel uitmaakte. Sterker nog: je hoeft niet altijd te antwoorden!
Het schijnt dat de vader van Theo van Gogh tegen hem gezegd heeft ‘je kunt wel overal een antwoord op hebben… maar het hóeft niet.’ Scheelt dat je even veel gedenk!
Mensen (vaak kinderen) die deze vragen stellen willen vaak gewoon kletsen en kijken of jullie iets gemeen hebben. Je kunt niet echt een goed of fout antwoord geven. Ben je evengoed zenuwachtig dat je zomaar iets zegt dat dan achteraf nergens op slaat? En dat je daar dan nog over blijft nadenken? Voeg gewoon een disclaimer toe aan je antwoord 🙂 ‘Op dit moment kies ik voor… geel! Maar vraag het gerust nog eens over een tijdje.’
Ook een prima, leerzame manier om kinderen mee te geven dat je van gedachte mag veranderen.
Suggestie voor jouw oneliner: ‘Ik mag van gedachten veranderen.’
(Vind je dit lastig? Lees dit interessante artikel bij SoChicken: Lekker wispelturig.)
Wil je het er eens over hebben? En wil je mijn trucs leren waarmee ik mijn hoofd toch stil weet te krijgen? Ik help je graag. Contact me gerust voor coaching. Of volg de online cursus hoogbegaafdheid. Zeer verhelderend en waarschijnlijk een opluchting en een geruststelling dat er meer zijn die denken zoals jij en je kind(eren) 😉
(c) Suzanne Buis

Droomdenkers en de driftbuienradar

Ze lijken zo lekker rustig en Zen, die Droomdenkers… gevoelig, fantasierijk, in gedachten verzonken…
Maar er zit vaak ook een intense, heftige kant aan de temperamentvolle kinderen met een sterke wil, waar emoties lijken op explosies. Voor ouders is het vaak ‘als donderslag bij heldere hemel’… tot je de signalen beter en eerder leert herkennen.

Voorkomen van driftbuien

… is echt stukken relaxter dan ze ‘genezen’. Praten tegen een kind midden in een ‘driftbui’ is kansloos en leidt tot meer gedoe. Straffen en belonen werkt bij deze kinderen zelden.

Verbetering begint bij herkenning

De buienradar wacht ook niet tot de bomen plat tegen de grond liggen om aan te geven dat er een storm komt. Helaas zien ouders vaak aanwijzingen over het hoofd, gewoon omdat ze niet beseffen dat het kleine signalen zijn van veranderingen in de atmosfeer 😉
(Het mooie is wel dat je niet alles zelf hoeft uit te dokteren. Vele specialisten op dit gebied en ervaringsdeskundigen hebben hun gouden tips met mij gedeeld, die ik doorgeef in mijn cursus en boeken.)

Signalen voor naderende weersomslag

Een ‘driftbui’ is vaak een uiting van opgelopen frustratie. Let bijvoorbeeld eens op of de volgende dingen bezig waren voordat je kind ‘ineens’ ontplofte:
– hij stelde veel vragen en vond geen antwoord bevredigend
– hij mopperde op traagheid van dingen, bijvoorbeeld een tablet of game
– hij bewoog veel, druk, of zat juist opvallend lang op één plek
– er werd gesard tegen of door broers/zussen
– hij vroeg om snoep of bleef (zoet) drinken
– er waren dingen die jeukten of irriteerden (zoals kleding, een deken, stoel zat ineens niet goed)
– eten dat normaal wel gegeten wordt werd afgekeurd
– en misschien was je zelf moe/druk/gestresst/gedroeg je je anders dan meestal?

Eerder schakelen

Wat natuurlijk ook erg handig is: als je kind zelf eerder aangeeft dat hij of zij ergens behoefte aan heeft.
Dat valt niet altijd mee. Kinderen vatten het ook vaak samen als ‘ik verveel me’ of ‘ik heb niets te doen’ of uitspraken die op ouders vooral overkomen als gezeur.

Vragen om hulp

kan pas als je eerst:
– merken dat je iets (anders) wilt
– voelen wat er nu precies is
– er achter komen wát je dan wilt…
– dat dan ook nog kunnen benoemen
– én weten wat er voor opties in de wereld zijn die zouden kunnen helpen…

Nogal veel

voor een kind! Wat nu als je daar samen aan kunt werken? Als ouder mét je kind? Niet dat je te veel van je kind verwacht – maar wel méér dan alleen over het hoofd van je kind heen beslissen…
Kinderen knappen echt op van inspraak hebben, verantwoordelijkheid krijgen en voorstellen mogen doen voor oplossingen.

Samenwerken

is echt key. Deze kinderen hebben vriendelijk gezegd veel behoefte aan autonomie – anderen noemen dat ‘flink eigenwijs’. Ze willen weten wat er nu zo ‘anders’ aan ze is en jij als ouder kunt maar beter leren hoe je hun vragen beantwoordt. Zo kom je samen tot teamwork binnen je gezin.

‘Ja, dát bedoel ik dus’

Daarvoor heb ik verschillende middelen ontwikkeld:
– lees- en werkboek De droomdenker is inmiddels al door duizenden kinderen gelezen en ingevuld – en aan nog veel meer familieleden getoond, aan leerkrachten en sportcoaches en muziekdocenten.
Mijn hoogbegaafde puber geeft ook de puber een stem. Het boek brengt ouders en jongeren in gesprek over wat wél kan helpen om de puberteit ontspannen door te komen, met een gevoel van tevredenheid over wat er geleerd kan worden in deze belangrijke periode van groei.

Kijken en luisteren

Doordat ik zulke goede reacties kreeg van (groot)ouders over mijn boeken en presentaties, wilde ik verder kunnen gaan voor gezinnen. Daarvoor heb ik een compacte, praktische cursus gemaakt – noem het gerust een gebruiksaanwijzing voor gezinnen waar hoogbegaafdheid, hoogsensitiviteit en beelddenken een rol spelen.
De online Cursus Hoogbegaafdheid is ideaal voor wie graag hoort en ziet bij het leren. En er zijn maar liefst vier e-books voor wie ook graag leest – inclusief De droomdenker!

Bonus!

Wil je het boek graag ook in de papieren versie (want het invullen is juist geweldig)?
Goed nieuws: bij de cursus krijg je een boek naar keuze via de post. Kies uit Mijn hoogbegaafde puber en De droomdenker!

Word zelf de driftbuienradar van je kind

Check dus nu of deze cursus precies is waar jullie nu in de vakantie behoefte aan hebben. Een deel van de cursus kun je samen met je kind bekijken (vanaf pakweg 7 jaar). Informatief en volgens de gebruikers vol eyeopeners. Maar oordeel vooral zelf – en maak even een aantekening voordat je begint, anders ben je ze straks al vergeten… die totaal onverwachte driftbuien!
(c) Suzanne Buis

Schrijver op school: leer verhalen maken!

*Kinderboekenweek! Storytelling als weg naar leesplezier!*

Een groep kinderen poseert voor een goepsfoto in de klas, met kinderboekenschrijfster SUzanne Buis. Op de foto zijn ook 12 delen van de serie over Floortje Bellefleur te zien.
Soms regelt een lezer zelf dat ik op bezoek kom, zoals ik hier was uitgenodigd door Julia, voor bij haar boekbespreking over Floortje 🙂

Suzanne Buis komt als schrijver op school! Suzanne Buis schrijft kinderboeken zoals De droomdenker, strips in de Penny, de kinderboekenseries over Lizzy en Floortje Bellefleur en vertaler/bewerker van series als Deltora, Kameleon, Glitterclub, IsaBella, Thomas en de Tijdmantel. Ze wil iets opbiechten over lezen…

Begin oktober is de Kinderboekenweek. Leuk, dan mag ik weer als schrijver op bezoek op basisscholen en voortgezet onderwijs. Het belangrijkste doel van de kinderboekenweek is kinderen helpen bij het vinden van leesplezier.
Hoe doe je dat nu? Want als kinderen zeggen dat ze lezen niet leuk vinden, kun je wel zeggen: ‘Lees WEL! Is wél leuk!’ maar of dat veel enthousiaste lezers oplevert… 

*Lezen is niet altijd leuk*

Feit is dat voor veel kinderen (én volwassenen!) lezen gewoon vaak niet leuk is. Zeker als je ogen te langzaam gaan voor je brein. Of als de verwerking van wat je ziet op de een of andere manier niet lekker soepel gaat. Bij dyslexie, bijvoorbeeld, bij adhd en add en vaak ook bij hoogbegaafdheid en beelddenken.
Een pagina is dan al lastig om door te ploegen en een heel boek duurt dan eeuwig.

*Sneller!*

Een vriendin van mij is snelschrijver en veellezer. Via haar ogen gaat het gewoon te langzaam, dus zij luistert de hele dag luisterboeken, op het versnelde tempo (dat kun je instellen). Voor adhd-ers en hoogbegaafden (zij is hoogbegaafd met adhd) is dat vaak heel lekker. Dat tempo past beter bij hun brein.
Ik luister vrijwel elke dag naar een podcast, op normaal tempo. Meestal hoor ik hooguit een kwartier, en dan ben ik iets anders aan het doen of in slaap gevallen.
Dus ik begrijp heel goed dat veel kinderen geen zin hebben in dat langzame, tijdrovende geconcentreerd blijven bij een boek.

*Beelden*

Punt is namelijk ook dat deze kinderen vaak beelddenkers zijn. Is een boek niet beeldend geschreven, dan kost het verwerken van die woorden enorm veel energie.
Is het verhaal wel beeldend geschreven? Dan is een beelddenker in no time afgeleid door de film in zijn/haar hoofd. Die ‘interne film’ gaat namelijk veel sneller: die gedachtenfilm gaat in 32 beelden per seconde, terwijl taal met maximaal 2 woorden per seconde gaat.

*Niet doorvertellen, maar…*

Oké, ik geef het niet graag toe… want als schrijver zou ik een groot voorstander moeten zijn van lezen (en gelezen worden). Dat bén ik ook, maar ik kan het zelf zo slecht! Vroeger verslond ik boeken, maar nu kan ik er de rust niet voor vinden. Drie kinderen in m’n eentje, meerdere eigen bedrijven, zelf veel schrijven… boeken lezen gaat me nu echt te langzaam. Vooral als ik er niets ‘mee kan’.

*Leesplezier zit niet alleen in boeken lezen*

Maar ik ben nog steeds dol op verhalen. Ik kan snel en grondig manuscripten lezen en aangeven wat er mist, of niet klopt, of anders zou mogen. Ik kan ook heel goed luisteren naar de verhalen die anderen me vertellen, en die omzetten in interviews, teksten en korte verhalen. Beelden helpen daarbij. 

*Beelden omzetten naar verhalen*

Zonder die beelden te ‘uiten’ kan het wel heel erg druk en vol worden in het hoofd van een beelddenker. Daarom is schilderen en tekenen supergoed voor beelddenkers. En verhalen maken! Dat hoeft niet per se in boekvorm. Verhalen bestaan in vele vormen. Er zijn vele vormen van verhalen vertellen. We noemen dat storytelling.

Een vrouw met donkerbruin haar (schrijfster Suzanne Buis) draagt een gehaakt vest en een spijkerbroek. Ze heeft twee boeken in haar handen. Ze staat voor een digibord. Hierop is haar website te zien en covers van andere kinderboeken die ze heeft geschreven.
Soms kijk ik even in mijn hoofd wat ik nog meer wil vertellen 😉
Hier was ik twee dagen op een school in Gendringen om zes lessen Storytelling te geven.

*Storytelling in de klas*

En dat is dus wat ik in de Kinderboekenweek (en de rest van het jaar zo nu en dan) vertel wanneer ik als schrijver op school ben, vaak ook bij plusklassen. Verhalen kunnen ook heel leuk zijn als je niet houdt van lezen!
De kinderen zijn meestal al nieuwsgieerig als ik toegeef dat ik meer dan honderd boeken gemaakt heb, maar dat ik niet zo heel erg houd van lezen. En dat er meer verhalen zijn dan alleen in boeken. 

*Actief denken over verhalen*

Met de hele groep bedenken we een hele rij andere vormen van verhalen maken. En hoe je die verhaalvormen kunt maken. Waarom je die zou kunnen maken. Voor wie. Hoe. En met welke manier van verhalen maken je rijk en beroemd kunt worden – en hoe word je zelf schrijver op school?!

*Wat zit er in?*

Tijdens de schrijfles bedenkt de klas met de schrijver op school wat je nodig hebt om een goed verhaal te maken, zoals bijvoorbeeld in een mooi boek, een grappig reclamefilmpje, een strip in de Penny of een Disneyfilm.
Wie is de hoofdpersoon, wat is zijn probleem, waar zie je dat aan, wat gaat-ie doen, wat gaat er mis, hoe lost het probleem op, wat heeft de hoofdpersoon ervaren?

*Scenarioschrijvers binnen 1 uur*

Tenslotte kijken we een filmpje, waar de kinderen ineens heel veel in herkennen. Ook de supersnelle droomdenkers staan nu meestal volle bak AAN. Er wordt gefantaseerd en al kletsend en lachend gaan ze aan de slag om zelf of met elkaar een verhaal te bedenken en een vorm daarvoor te kiezen.
En ik ben blij – en heel benieuwd wie ik over een jaar of wat tóch tegenkom tijdens de Kinderboekenweek, als collega-schrijver 🙂

*Mijn boeken of mij boeken*

Heb je interesse in De droomdenker, mijn Lizzy-serie of mijn andere beeldende boeken? Of wil je mij boeken als gastdocent?
Je bent van harte welkom! 
Stuur me een berichtje of kijk op 
www.suzannebuis.nl en www.volliefs.nl

Droomdenkende tiener wil context bij het leren

Droomdenkers en hoogbegaafde jongeren zijn op school nog niet in beeld. Beelddenken, hoogsensitiviteit en mogelijke hoogbegaafdheid beginnen een beetje meer bekendheid te krijgen op basisscholen. Bij een dromerig kind wordt niet meer automatisch gezegd dat hij/zij het niet kan volgen, ‘nog iets te jong is’ of niet oplet. Helaas lijken tieners meer commentaar te krijgen op dit dromerige gedrag. Suzanne Buis legt in Mijn hoogbegaafde puber vragen hierover voor aan jongeren, ouders en deskundigen. Een voorproefje:
In De droomdenker, het kinderboek van Suzanne Buis voor en over hoogbegaafdheid, hoogsensitiviteit en beelddenken, is de hoofdpersoon een jongetje dat veel zit te dromen. Zijn brein is zeer actief, hij denkt ver en breed, in tijd en ruimte, maar al zijn zintuigen zijn zo sterk ontwikkeld, dat hij ook in het hier en nu bijzonder intens leeft.
Door leerkrachten wordt zulk gedrag vaak als ‘afwezigheid’ bestempeld, of ze denken dat het kind ‘nog niet’ weet hoe zich te gedragen in de klas. Dezelfde kinderen krijgen op de middelbare school te horen dat ze niet betrokken zijn, ongeïnteresseerd, laks, dat ze een slechte werkhouding hebben.

Droomdenkers in hun tienerjaren

Renata Hamsikova begeleidt ouders, kinderen en leerkrachten bij het omgaan met hoogbegaafdheid. Suzanne Buis vroeg haar voor Mijn hoogbegaafde puber hoe je droomdenkers in hun tienerjaren kunt begeleiden. Renata: ‘Wanneer je kijkt naar de vijf gevoeligheden van Dabrowsky, dan heb je het hier over verbeeldingshooggevoeligheid. Dat is niet iets wat alleen hoort bij kleuters of dromerige jongetjes van acht. Dit blijft een heel leven aanwezig. Je kunt leren je te concentreren, maar niet op de standaardmanier. Je wordt continu afgeleid door heel complexe gedachten en intensiteit in het ervaren van prikkels en gevoelens, dat speelt altijdeen rol. Daar moet je geschikte handvatten voor krijgen. Veel standaardtips zijn niet van toepassing op uitzonderlijk begaafde kinderen. Als je zegt: “Zet een timer en ga tien minuten aan het werk”, dan heeft dat meestal gewoon geen zin bij deze kinderen.
Ze verliezen hun bereidheid tot medewerking als je aankomt met dooddoeners als: “Dit moet je gewoon doen, want dat heb je later nodig.” Of: “Je moet je nu eenmaal gaan aanpassen, want je gaat later ook werken met allemaal verschillende mensen.”

‘Verbeeldingsgevoelig blijf je je hele leven’

Dure aanpassingen

Degene die dat zegt, beseft waarschijnlijk niet dat zo’n jongere 50 tot 60 punten moet aanpassen, dat het een enorm gat is om te overbruggen. Veel hoogbegaafden kunnen dat ook nog, dat zou met een gemiddeld IQ niet lukken. Het probleem is dat ze zich kúnnen aanpassen, maar dat kan ze heel duur komen te staan. Doe je dit te lang en te vaak, dan bestaat het grote gevaar dat je uiteindelijk niet meer weet wie je zelf bent.’

Hoe je puber wél kan leren

‘Wat vaak helpt bij het coachen van hoogbegaafde tieners, is de leeftijd loslaten en bedenken welke tips je zou geven aan een volwassene, of aan een student. Kijk niet naar wat kinderen van deze leeftijd doorgaans nodig hebben, maar wat werkt voor déze tiener. Sommigen hebben baat bij een klein lijstje om orde aan te brengen. Anderen werken liever met muziek, in een bepaalde omgeving. Blijf goed kijken. Als ze hier nog nooit over hebben nagedacht, ga je dat samen ontdekken, een aantal dingen proberen.
Samen kun je onderzoeken hoe je de tiener aan het werk kunt krijgen, zodat hij zijn aandacht behoudt en doorwerkt.
Stapje voor stapje werkt niet, maar top-down ook niet altijd, waarbij gezegd wordt dat het kind aan de slag gaat als hij weet waaróm hij iets moet leren. Maar dat is te simpel.

Droomdenkers en hoogbegaafde jongeren hebben complexiteit nodig om te leren. Idealiter zou je achterstevoren moeten werken.

Dat kan ook op het voortgezet onderwijs. Als het kind de tafels niet beheerst, laat dat dan gerust zitten tot hij het zelf nodig vindt. Ga verder met wiskunde of algebra, dan gaat het kind zien dat hij de vaardigheid nodig heeft en leert hij het in een oogwenk.Zo werkt het ook bij talen. Mondeling ontdek je dat ze het best beheersen, alleen het inzicht van woordjes stampen en losse woordjes opschrijven ontbreekt. Dit is namelijk contra hoe hoogbegaafden leren. Ze willen context. In dictees, met zinnen, gaat het meestal al beter. Na twee jaar les in Frans spreken sommigen ineens vloeiend Frans. Dan kun je met terugwerkende kracht dingen uitleggen die eerder niet aankwamen. Dit werkt echt. Maar er ontstaat natuurlijk frustratie bij ouders wanneer scholen doodleuk zeggen: “Zo werken we niet.”’

Lees verder in Mijn hoogbegaafde puber, inspiratieboek voor ouders van hoogbegaafde jongeren, door Suzanne Buis.
Voor lezen en praten hierover met jongere kinderen schreef Suzanne De droomdenker en voor hun ouders Mijn hoogbegaafde kind & ik.

Droomdenkerlezing in Driebergen op 26 mei

Pharos, een belangenvereniging voor ouders van hoogbegaafde kinderen, biedt elke ouder die op zoek is naar gezelligheid, inspiratie en nieuwe inzichten de kans om deze zeer mooie droomdenkerlezing van Suzanne Buis bij te wonen. Zij is bekend van het boek De droomdenker en Mijn hoogbegaafde kind en ik. Binnenkort verschijnt haar nieuwe inspiratieboek Mijn hoogbegaafde puber.

Voor ouders van hoogbegaafde kinderen

Deze keer is het (heel on-Pharos) alleen voor ouders. Waarom? Omdat je als ouder van een (vermoedelijk) hoogbegaafd kind de ruimte mag nemen om goed voor jezelf te zorgen. En dat doe je dus door uit te wisselen met andere mensen, te luisteren naar een inspirerende spreekster (Suzanne Buis) en je te laven aan hapjes en drankjes op het mooie landgoed De Horst.

Kennismaken met Pharos

Dit evenement is voor alle ouders/verzorgers/opa’s/oma’s die
– Zich afvragen of hun kind hoogbegaafd is of niet
– Al weten dat hun kind hoogbegaafd is – en nu?
– Op zoek zijn naar contacten voor zichzelf en/of voor hun kinderen
– Meer willen weten over Pharos
– Grootse of minder grootse plannen hebben waarbij Pharos mee kan denken
– Iets willen betekenen voor deze doelgroep en daarover in gesprek willen met Pharos.

Waar en wanneer?

Landgoed De Horst, Driebergen is de locatie van dit heilzame event. Het is goed bereikbaar met het OV en ook met de auto.
Je bent vanaf 13.30 welkom (inloop). Om 16.00 eindigen we met een borrel.

Aanmelden?